Tag Archives: Lifestyle

Koffie upgrade

onze lavazza automaatAlhoewel ik vind dat we op het werk niet te klagen hebben over onze koffie, zou het hier heel binnenkort nog beter kunnen worden; op het gelijkvloers hebben ze net een Lavazza automaat geïnstalleerd!

Wie in de Reyerslaan moet zijn, geeft maar een seintje, misschien nodig ik u wel uit om even te komen proeven? Vandaag of maandag zult ge uwen Lavazza wel nog even elders moeten zoeken, want ik zit met mijn 2 vrouwen ergens in de Ardennen uit te waaien …

Speelgoed voor op de fiets

garmin fietscomputer met gpsEen paar dagen geleden toonde mijn fietsenmaker mij leuk nieuw speelgoed; de Edge 305 fietscomputer van Garmin met GPS, hoogte- en hartslagmeter. Daarmee kun je dus, zonder dat je voor de rest ook maar iets op je carbonnen of aluminiumen ros moet monteren, niet alleen informatie over snelheid, afstand en tijd, maar ook over overwonnen bergtoppen, verbruikte calorieën en hartslag bijhouden. Sjiek! Nifty! Geeky zelfs! Maar of ik dat nu echt op mijn Dahon vouwfietsje wil monteren? ;-)

Garmin heeft blijkbaar ook horloges met hartslagmeter en GPS. Dat doet mijn 2de handse Polar M51 een beetje bleekjes uitvallen natuurlijk.

Vechten met informatie

kickboxer takes a hitWerken is altijd een beetje verzuipen in informatie, zeker als je zoals ik nog maar net in een groot telco-bedrijf met tal van slimme collega’s, langlopende projecten en complexe processen begonnen bent. Het ontbreken van een bedrijfs-kennisdatabank (knowledgebase) en van een document management systeem (DMS) dragen niet echt bij tot het vlot opslaan of terugvinden van relevante info. Fileservers zijn wel goed ingeburgerd, maar er wordt van uit gegaan dat iedereen daar op 1 of andere manier zijn weg wel op zal vinden. Very 90’s indeed! Futtta dus op zoek naar een oplossing … Continue reading

Sneller met die fiets!

mijn groot bollerken“Goossens”, zeggen ze mij wel eens, “Goossens, gij zijt een gevaar op de weg met uw fiets”. Dat is natuurlijk niet waar, ik fiets alleen redelijk snel, ook in Gent of Brussel, zowel op mijn koers- als vouwfiets. Dat ge daarvoor enigszins geconcentreerd moet zijn, spreekt voor zich. En dat uw bollerken “op orde” moet staan natuurlijk. Ik ben dan ook een freak als het over strak afgestelde remmen gaat, vraag dat maar aan mijn fietsenmaker.

Maar sta me toe om U 3 eenvoudige tips te geven om zelf ook net iets vlotter door leven te pedaleren;

  • zorg ervoor dat uw zadel op juiste hoogte staat
  • verwen uw fietsketting af en toe met wat olie of een andere “lubricant” (en voor wie geen versnellingen met automatische spanner heeft, zorg dat uw ketting genoeg aangespannen is)
  • laat de krachtpatser in de familie minstens 1 keer in de maand je fietsbanden goed op spanning brengen

Als U die puntjes een beetje in acht neemt, zult U met dezelfde moeite dezelfde afstand sneller afleggen. Of met dezelfde snelheid en dezelfde inspanning plots verder kunnen rijden. Of laat ons realistisch wezen, want ik laat me weer meeslepen; dezelfde afstand, dezelfde snelheid maar met minder moeite? Toch? :-)

Als de rook uit de kroeg is verdwenen?

wf hermans rookt niet meerHet is ondertussen alweer een respectabel aantal jaren geleden dat ik regelmatig naar café ‘Den Hemel’ in Gent ging. Naar folk jamsessies luisteren, Trappistjes drinken en zelfs al eens een sigaretje proberen roken. Dat ging me niet af, ik kon die rook niet inhaleren en ik ben er dan maar mee gestopt. Maar de dikke rookwalm tussen pot en pint hoorde er voor mij wel bij. Want in een rokerig bruin café moet er gerookt kunnen worden, toch?

En ja, ik weet het, roken is “nogal ongezond”, de longen van nicotine-onthouders lijden er ook onder en het is al bij al gewoonweg een vuile gewoonte. Maar toch, toch ga ik mijn rokende medemensen missen, eenmaal ze ook uit cafés verwijderd zullen zijn.

Op de pagina over Gauloises (samen met Gitanes en Bastos het summum van de zware Europese teer- en nicotine-kick, heel wat anders dan pakweg Marlboro of L&M) op Wikipedia schrijven ze;

“Het Gauloises-pakje stond prominent op de omslag van Willem Frederik Hermans‘ verhalenbundel De laatste roker (1991). In het titelverhaal van die bundel schetst Hermans een toekomstbeeld waarin de antirookmentaliteit een absurde omvang heeft aangenomen.”

Ik denk dat ik dat verhaal maar eens ga lezen …

Koffieculturen

Als de kwaliteit van de koffie een bepalende factor is in mijn beroepsgeluk (en geloof me, dat is zo), dan ben ik hier in Brussel een tevreden drinker. Net zoals in Mechelen (bij dat andere telco-bedrijf) brouwen hier grote, donkere machines van Maas International echt goeie koffie op verzoek. Bekertje voor bekertje, met echte gemalen koffie, de eerste twee van de dag gratis, daarna 15 cent per portie.

Absoluut geen reden om een Starbucks in de buurt te zoeken dus en voor zover ik weet is dat er ook niet in Brussel. Misschien staan we nog niet op die sport van de koffie-ontwikkelingsladder, want in de USA lijkt het cafeïne-snobisme (“a Venti Caramel Macchiato to go please”) veel meer aanwezig, als je films en televisie-series als Sex and the City of Ally McBeal mag geloven. En anderzijds zie je bv. in de coffee-loving “Gilmore girls” die andere uiting van koffie in de States; achter de toog van de diner een grote kan met urenlang verwarmde zwarte prut die -beeld ik me in- toch echt niet beter kan zijn dan het zurige afwaswater dat bij mijn ex-werkgever uit Gent uit de grote Miko-percolator in schilferende thermoskannen kwam gepist?

Nee, laat mij maar aanschuiven bij Maas’ machines voor mijn fix. En thuis, thuis zet ik hem zelf, en bedenk ik dat ik ook daarvoor de Atlantische Oceaan niet over moet.

Het Bakkebaarden-beklag

Ik ga graag naar de kapper; een vermoeid mens moet daar simpelweg zitten en af en toe met het hoofd in de juiste richting neigen. Het feit dat je soms even binnensmonds brommend op een onbetekende vraag moet antwoorden om een poging tot gesprek af te blokken, doet daar niets aan af.

Als je bij een goeie kapster in de stoel zit, is het masserende wassen van je haar immers al voldoende beloning om die
achtergrondruis te negeren. En aangezien ik maar een paar eenvoudige instructies heb (“kort, moet wat piekerig staan bovenop”), ben ik over het algemeen ook tevreden met het eindresultaat.

Behalve .. behalve als het over mijn bakkebaarden gaat. Want op een of andere manier gaat het daar elke keer opnieuw volledig fout. Het meisje met de schaar vraagt dan schijnbaar onschuldig; “Moet ik uw faschen bijtrimmen mijnheer?”. Ik brom dan instemmend, want het haar groeit nu eenmaal waar het niet kruipen kan en er zijn grenzen aan elk grasperkje. Maar voor ik kan uitleggen welk motiefje mijn voorkeur wegdraagt, krijg ik de haartrimmer dreigend tegen de slaap geduwd en verlies ik het eerste streepje mannelijkheid. Een occasioneel ongegeneerde kapster draait de brommende machine zelfs nog even in m’n oor, om de overtollige begroeiing daar ook te kappen. Het is ongetwijfeld een manier om zich subtiel te wreken op de mannelijke haargroei.

Terwijl ik dan tot mijn afschuw ontdek dat de tochtlat voor mijn linkeroor niet veel koude meer zal kunnen tegenhouden, wordt ik ook aan de rechterkant genadeloos gekortwiekt. En het is precies op dat moment dat het over het algemeen echt volledig fout loopt; kapsters hebben immers, zo blijkt uit mijn jarenlange ervaring, absoluut geen benul van symmetrie. Ondanks zeldzame verwoedde -en ongetwijfeld door wroeging ingegeven- correctie-pogingen, waarbij de dame van achter mijn rug aandachtig fronsend in de spiegel staart terwijl ze met wijs- en ringvinger van beide handen de lijn van mijn
favorietjes volgt, blijkt keer op keer dat de linkerkant hoger komt dan de rechterkant. Of omgekeerd. Als het dan nog een beetje tegenzit (en geloof me, dat doet het meestal), gaat de bakkebaard aan de linkerkant van hoog naar laag en aan de rechterkant van laag naar hoog. Of omgekeerd. Volstrekt onsymmetrisch, hopeloos onoplosbaar en bovenal erg
lelijk.

Op dat moment kan het kappersbezoek er niet snel genoeg opzitten: bedremmeld betalen en weg, zo snel mogelijk. Om de weken erna tandenknarsend in de spiegel te kijken naar wat ze er in godsnaam toch weer van gemaakt hebben en te wachten tot het geliefde onkruid terugkomt. Want die troost hebben we tenminste; in de strijd tussen bakkebaarden en mannenhatende kapsters, zal de fasch altijd winnen!